- Belung Magazine
Deze site maakt gebruik van cookies om jouw ervaring te verbeteren, door verder te gaan ga je hier mee akkoord Ok, ik snap het Meer informatie

Bekijk onze andere uitgaven

Wat er precies gebeurt als u ademhaalt?

U doet het ongemerkt, normaal gesproken zo'n twaalf tot achttien keer per minuut: ademhalen. In rust ademt men elke minuut ongeveer vijf tot acht liter lucht in en uit. Bij inspanning kan deze hoeveelheid oplopen tot wel meer dan honderd liter per minuut! Het lijkt zo simpel, maar eigenlijk is ademhalen een heel complex proces. Laten we eens bekijken wat er precies gebeurt met de lucht die we inademen, en waardoor mensen met interstitiële longaandoeningen (ILD, afgeleid van 'idiopathic lung disease') last krijgen van kortademigheid.

Als we het hebben over de luchtwegen, denken de meeste mensen gelijk aan hun longen. Maar onze luchtwegen bestaan niet alleen uit de longen. Alle delen van ons lichaam waardoor in- en uitgeademde lucht stroomt, maken er deel van uit. Uw luchtwegen beginnen dus bij uw neus en mond, gaan over in uw luchtpijp (trachea) en splitsen zich daarna in de luchtpijpvertakkingen (bronchiën), met twee hoofdbronchiën (zie afbeelding 1). Deze hoofdbronchiën lopen door tot in uw linker- en rechterlong, waar ze zich op hun beurt splitsen in kleinere vertakkingen, de bronchioli. Deze monden uit in minuscule longblaasjes (alveoli). Uw longen bestaan uit een sponsachtig weefsel en zijn erg kwetsbaar. Daarom worden ze beschermd door uw ribben. De linkerlong is iets kleiner dan de rechterlong. Uw linkerlong moet namelijk ruimte vrijlaten voor uw hart.

nl-lungs-belung-magazine Infographic longen

De longblaasjes

Laten we nu de lucht zelf eens onder de loep nemen, in figuurlijke zin. De lucht die we inademen is een mengsel. Dit mengsel bestaat grotendeels (voor ongeveer 78%) uit stikstof en bevat daarnaast zuurstof, een beetje koolzuurgas (koolstofdioxide) en nog enkele andere gassen. Stikstofgas is een zogeheten 'inert' (inactief) gas, dat vrijwel geen invloed heeft op onze ademhaling. De in de lucht aanwezige zuurstof gebruiken we wel, en daarbij wordt koolstofdioxide gevormd. De lucht die we inademen bevat 21% zuurstof en 0,03% koolstofdioxide. De samenstelling van de lucht die we uitademen is anders. Die lucht bevat namelijk 16% zuurstof en 5,6% koolstofdioxide. Ons lichaam verbruikt dus ongeveer 5% van de zuurstof uit de lucht en vormt daarbij koolstofdioxide, dat daarna door ons lichaam wordt uitgescheiden. Maar hoe gaat dit precies in zijn werk?

Bij het inademen komt de lucht door uw neus of mond binnen en vervolgens via de trachea, bronchiën en bronchioli in de alveoli oftewel longblaasjes terecht. De longblaasjes zijn bolvormige 'zakjes' die samen een soort druiventrosjes vormen. In onze longen zitten honderden miljoenen longblaasjes. Bij elkaar hebben ze een oppervlakte van zo'n vijftig tot honderd vierkante meter. Dat is ongeveer zo groot als een half tennisveld! Tussen de wanden van de longblaasjes zit weefsel dat het 'interstitium' wordt genoemd. De longblaasjes worden omgeven door heel kleine bloedvaten, de haarvaatjes (capillairen). Deze vormen een soort netwerk rond elk longblaasje. De zuurstof uit ingeademde lucht komt via de wand van de longblaasjes en het interstitium in deze haarvaatjes terecht (zie afbeelding 2). Als de zuurstof de bloedbaan heeft bereikt, transporteren rode bloedcellen deze zuurstof door ons hele lichaam, zodat onze cellen de zuurstof kunnen gebruiken. Bij het verbruiken van de zuurstof vormen de cellen koolstofdioxide. Ons lichaam beschouwt koolstofdioxide als een afvalstof. Koolstofdioxide legt dezelfde weg door ons lichaam af als zuurstof, maar in tegengestelde richting. Koolstofdioxide wordt dus afgegeven aan de bloedbaan en naar de longen vervoerd, waar het vervolgens via de haarvaatjes in de longblaasjes terechtkomt en uiteindelijk door ons wordt uitgeademd.

nl-tiny-airsacs-belung-magazine

Ademhaling

Onze behoefte om adem te halen heeft veel te maken met de hoeveelheid koolstofdioxide in onze longblaasjes. Onze hersenen krijgen namelijk een seintje zodra de hoeveelheid koolstofdioxide in onze longblaasjes onder een bepaald niveau komt. De hersenen geven dan op hun beurt een seintje aan ons middenrif (diafragma) en de spieren in onze borstkas. Dat is voor ons de prikkel om te gaan inademen. Inademen is een actief proces. Bij het inademen worden onze spieren namelijk aan het werk gezet om de borstholte groter te maken. Bij rustig inademen spannen we ons middenrif aan, waardoor de borstholte zich uitzet (en de longen ook). Dit zorgt ervoor dat er lucht in onze longen stroomt. Dit is te zien op afbeelding 3.

nl-respiration-belung-magazine Afbeelding 3. Inademen: door het aanspannen van het middenrif zetten de borstholte en longen zich uit (pijltjes), waardoor de luchtdruk in de longen daalt (-) en er lucht naar binnen stroomt (+).

Inademen

De lucht kan de longen instromen doordat de luchtdruk in de longen daalt zodra de longen zich uitzetten. Als we zwaar ademen, bijvoorbeeld tijdens het sporten of als we moeite hebben met ademhalen, wordt de borstholte extra uitgezet. Dit is mogelijk doordat het middenrif dan geholpen wordt door verschillende spieren rond de ribbenkast. Uitademen is, in tegenstelling tot inademen, een passief proces. Bij rustig uitademen zorgt de elasticiteit van het longweefsel ervoor dat onze longen en borstholte terugveren tot hun oorspronkelijke grootte. We kunnen dit vergelijken met een aangespannen elastiekje: zodra we het loslaten, krijgt het elastiekje dankzij de elastische vezels weer zijn oorspronkelijke vorm en grootte. Door het terugveren van de borstholte wordt er lucht uit de longen geduwd. Bij zwaar en krachtig uitademen helpen spieren rondom de ribbenkast de borstholte nog kleiner te maken.

Stugge longen

We weten nu hoe de longen normaal gesproken werken. Maar wat gaat er nu precies mis in de longen bij iemand met ILD? Bij ILD is er sprake van verlittekening en verdikking van het interstitium tussen de longblaasjes. Hierdoor kan zuurstof niet gemakkelijk naar de haarvaatjes stromen. Door het gevormde littekenweefsel verliezen de longen bovendien hun elasticiteit. Ze worden stug en kunnen zich niet meer zo goed uitzetten bij het inademen. In stugge longen past dus minder lucht dan in gewone, gezonde longen. De longcapaciteit is kleiner doordat in stug longweefsel minder 'rek' zit. Deze afgenomen longcapaciteit en het interstitium dat vanwege de verlittekening en verdikking minder goed zuurstof doorlaat, leiden tot kortademigheid. En helaas blijft het daar niet bij. Bij iemand met ILD wordt namelijk steeds meer littekenweefsel gevormd, waardoor het longweefsel steeds stugger wordt. Dit betekent dat er na verloop van tijd nog minder lucht in de longen past en nog minder zuurstof in het bloed komt. De snelheid waarmee dit gebeurt, verschilt per patiënt.1

Kortademigheid

U kunt zich vast wel voorstellen dat stugge longen die zich niet optimaal met lucht kunnen vullen, een gevoel van benauwdheid veroorzaken. En dat u, als de zuurstof die u inademt moeite heeft om uw bloedbaan te bereiken, de neiging zult krijgen om zwaarder te ademen. Zulke kortademigheid heeft te maken met het lagere zuurstofgehalte in het bloed, en ontstaat door een onwillekeurige reactie van de hersenen. De hersenen reageren namelijk op de stijgende concentratie koolstofdioxide en de dalende zuurstofconcentratie. De zenuwen geven dan nog wel gewoon signalen af om de longen harder te laten werken, maar door de ILD zijn de longen niet in staat om daar goed op te reageren. Als ILD-patiënt voelt u dat uw longen niet aan de vraag van uw lichaam kunnen voldoen. Hierdoor krijgt u nog meer het gevoel dat u te weinig lucht binnenkrijgt.2 En doordat ademhalen u vanwege uw ILD extra moeite kost, verbruikt u bij het ademhalen bovendien extra zuurstof, zelfs in rust. Dit bij elkaar zorgt ervoor dat u sneller en oppervlakkiger gaat ademhalen, en bij inspanning wordt dit nog erger.

Er is helaas geen effectieve behandeling voor kortademigheid bij ILD. Wel kunt u baat hebben bij deelname aan ondersteunings- of longrevalidatieprogramma's voor mensen met ILD. Via zulke programma's kunt u namelijk leren hoe u uw energieniveau kunt verbeteren en uw kortademigheid kunt verminderen. Ook krijgt u handige tips om in het dagelijks leven uw zuurstofgehalte zo hoog mogelijk te houden. Zulke tips en adviezen kunnen uw welzijn ten goede komen en u het gevoel geven meer controle te hebben over uw aandoening.3

Referenties
1. O’Donnell DE, Neder JA, Harle I, et al. Chronic breathlessness in patients with idiopathic pulmonary fibrosis: a major challenge for caregivers. Expert Rev Respir Med 2016;10:1295-1303.
2. https://www.thoracic.org/patients/patient-resources/resources/idiopathic-pulmonary-fibrosis.pdf; geraadpleegd in juni 2017.
3. Duck A, Pigram L, Errhalt P, et al. IPF Care: a support program for patients with idiopathic pulmonary fibrosis treated with pirfenidone in Europe. Adv Ther 2015;32:87-107


disclaimer
zinccode